Logicollege

Welcome to your M5V1-Toets

Voorbeelden van bestelkosten zijn er te over. Wat is GEEN voorbeeld van bestelkosten?

De input van het EOQ-model is tamelijk beperkt. Wat hoort daar NIET bij?

Niels kiest voor het bestellen van hele pallets, waarop 120 eenheden staan, al weet hij, dat de EOQ eigenlijk 100 is. Dit heeft gevolgen voor de totaalkosten binnen het model. Met hoeveel procent nemen die toe door de keus van Niels?

Als wordt overgegaan op een JIT-systeem, welke invloed heeft dit dan op de seriegrootte?

10. Zie onderstaand TPOP schema, waarin de huidige voorraad en de verwachte vraag (in aantal omdozen per periode) reeds is vermeld. In welke perioden moet een orderuitgifte worden gepland?

artikel: erwtensoep, doos á 12                                               voorraad: 70                                       veiligheidsvoorraad: 0

                                                                                                        seriegrootte: 100                                  levertijd: 3 perioden

periode

vp

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

verwachte vraag

 

20

20

30

30

30

40

30

40

40

30

geplande orderontvangst

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

geplande orderuitgifte

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

geplande voorraad

70

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De EOQ-formule weegt twee kosten tegen elkaar af. Welke zijn dat?

Groothandel in kantoorartikelen PGP heeft een speciale inkoopafdeling voor seizoensgebonden artikelen. In deze afdeling wordt gewerkt met de BQ-bestelmethode. Elk half jaar (in maart en in oktober), wordt een prognose gemaakt van de marktvraag. Op basis van de prognose worden de bestelparameters dan bijgesteld. Wat zal in oktober waarschijnlijk het gevolg voor de bestelparameters voor vorstbestendige vitstiften?

Van een product is de jaarlijkse vraag 1.000 stuks, de inkoopprijs is € 20,-- per stuk, de voorraadkosten zijn € 10,-- per stuk per jaar en de bestelkosten van een serie zijn € 100,--. wat is dan de seriegrootte als ook nog bekend is dat de verhouding van verkoop- en productiecapaciteit per periode gelijk is aan 0,7?

Er zijn 5 componenten nodig om een product te maken. Wat is de kans dat het product op tijd af is als de 5 componenten elke component een servicegraad heeft van 95%?

Er wordt wel gesteld dat in JIT de optimale serie gelijk is aan één. Stel dat u dat tegen optimale kosten wil realiseren in uw productielijn, waarvan de huidige EOQ gelijk is aan 100. Welke van de input gegevens van het EOQ-model kan daarvoor het best worden aangepast?