Logicollege
Logicollege
Home
Opdrachten
Certificaten
Mijn samenvattingen
Home
Opdrachten
Certificaten
Mijn samenvattingen
login
Welcome to your M4
Twee beweringen. I Marco zegt dat de orderdoorlooptijd de tijd is tussen behoeftesignalering van de klant en het moment waarop hij/zij het product in huis heeft. II Mieke zegt dat de leadtime de tijd is tussen acceptatie van de klantenorder en het aflever moment. Wie noemt een juiste definitie?
Beiden
Alleen Mieke
Alleen Marco
Geen van beiden
Geen
Welke van de volgende soorten voorraden is bij een productiebedrijf NIET de verantwoordelijkheid van de afdelingen inkoop en/of logistiek?
vakantie-voorraad
strategische voorraad
buffervoorraad
veiligheidsvoorraad
Geen
De omloopsnelheid van de voorraad is:
de grootte van de transportserie maal de transporttijd
het jaarverbruik gedeeld door de gemiddelde voorraad
1600
het jaarverbruik maal de gemiddelde voorraad
Geen
De voorraadbeheerder van onderneming X heeft een lijst gemaakt met producten die volgens haar van de balans afgevoerd kunnen worden. De controller is het met haar eens en wil deze voorraad tot nul afwaarderen. Hoe heet deze voorraad?
Speculatie voorraad
Incourante voorraad
Veiligheidsvoorraad
Seizoensvoorraad
Geen
De volgende situatie doet zich voor: Hoeveel eenheden zijn er meer in voorraad dan de norm voorschrijft? Stel een jaar op 50 werkweken.
0 stuks
80 stuks
100 stuks
220 stuks
Geen
Twee beweringen: I Gerard zegt dat de economische voorraad van een bepaald product gelijk is aan de fysieke voorraad, vermeerderd met de voor een bepaalde periode bestelde, maar nog niet ontvangen goederen, verminderd met de voor die periode reeds door klanten gereserveerde hoeveelheid. II John beweert dat de optimale seriegrootte die hoeveelheid is, waarbij de totale, van de seriegrootte afhankelijke kosten het laagst zijn. Wie heeft / hebben het juiste beweerd?
I en II zijn juist
Alleen I is juist
Alleen II is juist
I en II zijn niet juist
Geen
Vier beweringen, welke is juist?
Tijmen zegt dat het rendement daalt, als de gemiddelde voorraad daalt, terwijl de afzet gelijk blijft.
Volgens Merel stijgt het rendement, als de gemiddelde voorraad stijgt, en tegelijk de afzet daalt.
Karel stelt, dat het rendement stijgt als de voorraad daalt, terwijl de afzet gelijk blijft.
En Elvis zegt dat het rendement stijgt als de gemiddelde voorraad stijgt terwijl afzet gelijk blijft .
Geen
Een onderneming koopt eerder grondstoffen in dan strikt noodzakelijk is, omdat verwacht wordt dat de prijzen stijgen. Hoe heet de extra voorraad die dan ontstaat?
Seriegroottevoorraad
Speculatievoorraad
Prijsvoordeelvoorraad
Veiligheidsvoorraad
Geen
Statistisch voorraadbeheer is bedoeld voor:
situaties waarin een nieuw product op de markt komt
situaties waarin de vraag goed is te berekenen vanuit de behoefte aan andere producten
situaties waarin de vraag onafhankelijk is
situaties waarin de vraag afhankelijk is
Geen
De omloopsnelheid van de voorraad is:
de grootte van de bestelserie maal de leadtime
het jaarverbruik gedeeld door de gemiddelde voorraad
de vraag gedurende 365 dagen
het jaarverbruik in stuks
Geen
Wat wordt in een fietsenfabriek onder ‘afhankelijke’ vraag verstaan?
De vraag naar eindproducten
De vraag naar onderdelen
De vraag naar reserveonderdelen
De vraag naar hulpmiddelen
Geen
Vier voorbeelden van vraag naar een product. Bij welke van de vier is sprake van onafhankelijke vraag?
Buizen voor een speciaal project, die door een groothandel op afroep geleverd worden aan de aannemer
Inkoop van componenten door bedrijf X, alwaar ze geassembleerd worden tot een samengesteld eindproduct
Bestelling van een gereviseerde motor, die door de dealer in je auto wordt ingebouwd
Door bedrijf X zelf geproduceerde onderdelen, die nodig zijn voor de eindmontage
Geen
Time's up
Onthoud mij
Log In
Wachtwoord vergeten?
|
Registreer
Gebruikersnaam of e-mail
Wachtwoord
Only fill in if you are not human
Aangemeld blijven
Registreren
Wachtwoord vergeten?
Close